orkestfoto

Programma

Rembrandt

Concertprogramma`s/ Archief 2011


Concertprogramma 'Rembrandt' - februari 2011

In 'Rembrandt', het eerste programma in 2011, gaf KamerFilharmonie Der Aa in samenwerking met NNO-aanvoerder Noëlle Weidmann twee bijzondere concerten.

foto Rembrandt

Tijdens de concerten, op maandag 14 februari in De Schalm in Assen en woensdag 16 februari in de Immanuelkerk in Groningen, soleerde de celliste in 'Poème voor violoncel en orkest' van de Nederlandse componiste Henriëtte Bosmans.

Een tweede bijzonder werk op het programma was 'Etsen van Rembrandt' van Willem Mengelberg. Tijdens de uitvoering werden de etsen, waarop het stuk gebaseerd is, achter het orkest vertoond.

foto Rembrandt

In totaal speelde KamerFilharmonie Der Aa vijf prachtige, maar te weinig uitgevoerde werken van Nederlandse componisten.

'KamerFilharmonie brengt met frisse durf Nederlands werk. Tubaïst Joost Smeets bleek op de bok een charismatisch leider. Daar zit potentie in.'

Minke Muilwijk
Recensie Dagblad van het Noorden - 18 februari 2011


Meer informatie: 'Rembrandt'

In Rembrandt speelde KamerFilharmonie Der Aa vijf werken van Nederlandse componisten die allemaal gedurende hun leven een vooraanstaande rol hadden binnen de Nederlandse, maar ook internationale, muziekwereld. Gedurende de 125 jaar is het scala aan visies op klassieke muziek enorm verbreed, maar deze vijf componisten kenmerken zich door hun verbondenheid met de klanken van de romantiek

Ouverture Gijsbrecht van Aemstel -Johannes Verhulst
Etsen van Rembrandt-Willem Mengelberg
Poème voor violoncel en orkest-Henriëtte Bosmans
Intrada-Willem van Otterloo
Zevende symfonie/Louisville Symphony-Henk Badings

Johannes Verhulst groeide uit tot één van de belangrijkste Nederlandse musici halverwege de 19e eeuw; hij is dirigent geweest van diverse vooraanstaande muziekgezelschappen in Nederland. De muziek van Schumann, Schubert en zijn eigen leraar Mendelssohn was hem zeer vertrouwd; veel van zijn werken zijn in vergelijkbare stijl opgesteld. Hij hield standvastig vast aan deze traditie, zo weigerde hij werken van de modernisten Wagner, Liszt en Berlioz te dirigeren. De ouverture Gijsbrecht van Aemstel (1839) is een duidelijke exponent van zijn romantische inborst.

Willem Mengelberg was al op 24jarige leeftijd dirigent van het Concertgebouworkest. Hij heeft in die hoedanigheid veel Nederlandse werken in première laten klinken. Naast zijn aanstelling bij voornoemd orkest was hij erg actief in het buitenland, zijn faam reikte tot over de Atlantische oceaan. Hij is de grondlegger van de rijke Nederlandse Mahlertraditie waar KamerFilharmonie Der Aa middels haar eerste programma deelgenoot van is geworden. Ter ere van het 300e geboortejaar schreef Willem Mengelberg een van zijn meest succesvolle werken: Improvisationen über eine Original-Melodie zu Radierungen von Rembrandt (1906), een werk in de stijl van Mahler waarbij gedurende de muziek de negentien bijpassende Etsen van Rembrandt geprojecteerd zullen worden.

Henriëtte Bosmans was pas leerlinge van Willem Pijper geworden toen ze al een gevierd concertpianiste was en diverse werken had gecomponeerd. Ze had voor het componeren van haar vroegere werken al les van Cornelis Dopper gehad. Cornelis Dopper was in die periode samen met Willem Mengelberg dirigent bij het Concertgebouworkest. De werken die ze schreef voor 1927 worden vooral getypeerd door romantische invloeden en brede lyrische lijnen. De Poème voor violoncel en orkest (1926) is een werk dat aan het begin staat van haar overgang van haar Duitse oriëntatie naar een Frans impressionistische stijl. Ze schreef het voor Marix Loevensohn, toenmalig solocellist van het Concertgebouworkest waar ze vaak mee samenspeelde.

Willem van Otterloo was cellist, componist en dirigent. In die laatste hoedanigheid heeft hij de meest prestigieuze orkesten ter wereld gedirigeerd, zoals de Wiener Philharmoniker, Berliner Philharmoniker en het Concertgebouworkest, daarnaast was hij jarenlang chefdirigent van het Residentie Orkest en Radio Filharmonisch Orkest. Tussen 1924 en 1958 schreef hij zijn composities, na compositielessen gevolgd te hebben bij Sam Dresden. De laatste hiervan is Intrada.

Henk Badings volgde net als Henriëtte Bosmans compositieles bij Willem Pijper. Hoewel hij met octotoniek, boventoonreeksen, een 31-toonstelsel en elektronische muziek de grenzen van de 'klassieke' muziek zocht, blijven romantische muziekvormen herkenbaar. Gedurende de jaren veertig van de 20e eeuw groeide de faam van Henk Badings buiten Nederland. In 1954 schreef hij de zevende symfonie in een traditionele vierdelige vorm, en droeg deze op aan The Louisville Orchestra.


'Mijn Der Aa' - Ledenpagina Naar boven Over de website